Német-Holland szótár »

hochmütig hollandul

NémetHolland
hochmütig [hochmütiger; am hochmütigsten] Adjektiv

aanmatigendbijvoeglijk naamwoord

arrogantbijvoeglijk naamwoord

fierbijvoeglijk naamwoord

hautainbijvoeglijk naamwoord

laatdunkendbijvoeglijk naamwoord

pratbijvoeglijk naamwoord

trotsbijvoeglijk naamwoord

verwaandbijvoeglijk naamwoord

verwatenbijvoeglijk naamwoord