Tysk-Holländsk ordbok »

mal betyder på holländska

TyskaHolländska
der mal

eens

opeenkeer

das Mal [des Mals, des Males; die Male] Substantiv

keero

maalo

der Malachit [des Malachits; die Malachite] Substantiv

malachietm

die Malaria [der Malaria; —] Substantiv

malariasubstantief

Malaye

Maleierm

malen [malte; hat gemalt] Verb

afschilderenv

schilderenv

uitschilderenv

der Maler [des Malers; die Maler] Substantiv

huisschilderm

kunstschilderm

schilderm

ververm

die Malerei [der Malerei; die Malereien] Substantiv

schilderkunstsubstantief

malerisch [malerischer; am malerischsten] Adjektiv

pittoresquebijvoeglijk

schilderachtigbijvoeglijk

Malkunst

schilderkunstv

die Malve [der Malve; die Malven] Substantiv

kaasjeskruidsubstantief

maluwesubstantief

malvasubstantief

das Malz [des Malzes; —] Substantiv

mouto

abermalig Adjektiv

alweerbijvoeglijk

bisbijvoeglijk

nogeenkeerbijvoeglijk

nogmaalsbijvoeglijk

opnieuwbijvoeglijk

vanvorenafaanbijvoeglijk

wederombijvoeglijk

weerbijvoeglijk

abermals Adverb

alweerbijwoord

bisbijwoord

nogeenkeerbijwoord

nogmaalsbijwoord

opnieuwbijwoord

vanvorenafaanbijwoord

wederbijwoord

wederombijwoord

weerbijwoord

abnormal [abnormaler; am abnormalsten] Adjektiv

abnormaalbijvoeglijk

12