Nemčina-Holandčina slovník »

leiden znamená v Holandčina

NemčinaHolandčina
leiden [litt; hat gelitten] Verb

doorstaan v

lijden v

ondergaan v

uitstaan v

velen v

verdragen v

das Leiden [des Leidens; die Leiden] Substantiv

Leiden o

lijden o

die Leidenschaft [der Leidenschaft; die Leidenschaften] Substantiv

hartstocht substantief

lust substantief

passie substantief

roes substantief

verslaving substantief

verwoedheid substantief

leidenschaftlich [leidenschaftlicher; am leidenschaftlichsten] Adjektiv

dweepziek bijvoeglijk

dwepend bijvoeglijk

fanatiek bijvoeglijk

ankleiden [kleidete an; hat angekleidet] Verb

aankleden v

bekleden v

kleden v

omkleden v

staan v

bekleiden [bekleidete; hat bekleidet] Verb

aankleden v

bekleden v

beslaan v

bezetten v

bezighouden v

inbeslagnemen v

kleden v

omkleden v

staan v

bemitleiden [bemitleidete; hat bemitleidet] Verb

beklagen v

medelijdenhebben v

medelijdenhebbenmet v

einkleiden [kleidete ein; hat eingekleidet] Verb

beleggen werkwoord

inhuldigen werkwoord

investeren werkwoord

entkleiden [entkleidete; hat entkleidet] Verb

ontkleden v

uitkleden v

erleiden [erlitt; hat erlitten] Verb

doorstaan v

12